AI-bouwgolf maakt je volgende laptop en energierekening duurder
De AI-boom maakt geheugen duurder en stroom schaarser. Wat dat betekent voor jouw volgende laptop, telefoon of spelcomputer.
Je volgende laptop, smartphone of spelcomputer wordt duurder, en dat heeft alles met AI te maken. De enorme stroom aan investeringen in datacenters trekt zoveel halfgeleiders en elektriciteit op dat consumenten de rekening beginnen te voelen, ook buiten de VS.
Wat er speelt
De vier grootste techbedrijven ter wereld, Alphabet, Amazon, Meta en Microsoft, geven dit jaar naar verwachting samen zo'n 720 miljard dollar uit, grotendeels aan datacenters voor hun AI-ambities. De totale wereldwijde investeringen in datacenters komen dit jaar waarschijnlijk boven de 700 miljard dollar uit.
Die datacenters vreten halfgeleiders. En dat chip-aanbod is krap. Volgens schattingen van JPMorgan Chase stijgen de prijzen van sommige computergeheugenchips met tot 400% tussen 2024 en eind dit jaar. Dat is geen abstracte beursspeelbal, maar een component in elk apparaat dat je koopt.
Marktonderzoeker Pangoly meet het al in de winkelschappen: een 8 GB DDR5-geheugenmodule kost momenteel gemiddeld zo'n 148 dollar, tegenover ongeveer 35 dollar in dezelfde week vorig jaar. Ruim drie keer zo duur, in één jaar tijd.
Waarom jij dit voelt bij de kassa
Goedkopere chips zaten jarenlang verborgen in de kostprijs van je laptop of telefoon. Nu die chips fors duurder worden, verdwijnt die buffer, en schuiven fabrikanten de meerkosten door richting de consument. In de VS zien kopers al hogere prijzen voor laptops, smartphones, spelcomputers en computers.
Voor Nederlandse kopers geldt: de markt voor elektronica is globaal. Taiwanese chipfabrikanten hanteren wereldmarktprijzen. Of je je laptop in Amsterdam of Atlanta koopt, je betaalt straks voor hetzelfde duurdere geheugen.
Daarnaast slokken datacenters een groeiend deel van nieuwe energiecapaciteit op, wat de elektriciteitsprijs opdrijft. In de VS is dat al zichtbaar in hogere stroomrekeningen. Europa heeft een ander energiemix en eigen beleid, maar de druk op het net neemt ook hier toe naarmate grote techbedrijven hun Europese datacenter-capaciteit uitbreiden.
Het bredere mechanisme: van chip naar hypotheek (voornamelijk VS)
Goldman Sachs-econoom Megan Peters heeft de inflatoire doorwerking van deze AI-golf doorgerekend. Haar conclusie: in de VS verhoogt dit de zogeheten core PCE-inflatie, de favoriete maatstaf van de Federal Reserve, nu al met zo'n 20 basispunten per jaar. Tegen eind 2026 loopt dat op naar meer dan 50 basispunten.
Buiten de VS valt het mee. Voor Canada, Australië, Europa, het VK en Japan schat Goldman Sachs het effect op gemiddeld 10 basispunten. Peters formuleert het nuchter: "While not completely negligible, these effects are far below the 50bp peak we estimate for US PCE, suggesting that for the most part AI-driven inflation is a US story."
Vrij vertaald: voor Europa is dit geen inflatiebom, maar ook geen nul.
Peters onderscheidt drie opeenvolgende golven van inflatoire impact. De eerste, die nu zichtbaar wordt, draait volledig om die stijgende geheugenprijzen.
Het risico voor Amerikaanse consumenten reikt verder dan een dure laptop. Als de Fed ziet dat inflatie hardnekkig blijft, kan zij de beleidsrente later dit jaar verhogen. En een hogere Fed-rente trekt doorgaans de leenkosten omhoog voor autoleningen, hypotheken en zakelijke kredieten. Dat raakt huishoudens op meer fronten dan alleen de elektronica-afdeling.
Ter referentie: de inflatiepiek van 2021-2023 bereikte 9,1% in de VS. De huidige AI-gedreven druk is een ander kaliber, maar voedde een hogere prijsstijging dan de Fed comfortabel vindt, bovenop de bestaande inflatiedruk.
Wat volgt
Dinsdag worden de Amerikaanse inflatiecijfers voor juni gepubliceerd. Fed-functionarissen letten scherp op tekenen van AI-gedreven prijsstijging in de data. Er is een complicerende factor: de inflatie voor juni was mogelijk tijdelijk gedrukt door lagere benzineprijzen na het VS-Iran-staakt-het-vuren, maar die situatie is inmiddels onzeker geworden nu de gevechten zijn hervat. De uitkomst van dinsdag bepaalt mede hoe snel de Fed reageert.
Voor Nederlandse consumenten is de meest directe boodschap simpel: als je een nieuwe laptop, telefoon of spelcomputer op de planning hebt, wordt die de komende maanden naar verwachting niet goedkoper.
Bronnen: AP, Business Insider, Goldman Sachs, JPMorgan Chase, Pangoly
Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel, beleggings- of fiscaal advies. Today in Finance is geen beleggingsonderneming en beschikt niet over een vergunning als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Raadpleeg altijd een gekwalificeerd financieel adviseur voordat je financiele beslissingen neemt. Today in Finance is niet aansprakelijk voor beslissingen genomen op basis van deze informatie.
Een 8 GB DDR5-geheugenmodule kost nu ruim drie keer zoveel als een jaar geleden. Bij een nieuwe laptop met 16 GB geheugen loopt die extra component-kostprijs al snel op naar een paar honderd euro meer dan vorig jaar, afhankelijk van het model en de fabrikant. De elektriciteitsprijzen staan ook onder druk door de groeiende energiehonger van datacenters. De directe inflatie- en rente-effecten zijn vooralsnog het sterkst in de VS, maar de hogere chip- en elektronicaprijzen zijn wereldwijd voelbaar, dus ook voor jou in Nederland.