USDi: de stablecoin die koopkracht bewaart in plaats van een dollarteken
De stablecoinmarkt is $300 miljard groot, maar beschermt niet tegen inflatie. USDi wil dat veranderen nu de energieschok de prijzen opdrijft.
De stablecoinmarkt is $300 miljard groot en vrijwel volledig gebouwd op één belofte: één token blijft één dollar waard. Maar terwijl de Amerikaanse inflatie in maart sprong naar 0,9% maand-op-maand, mede aangejaagd door de energieschok na de sluiting van de Straat van Hormuz, rijst een fundamentele vraag: wat is die dollar straks nog waard?
Inflatiespecialist Michael Ashton en zijn mede-oprichter Andrew Fately zetten daar nu een product tegenover. Hun stablecoin USDi koppelt niet aan een nominale dollar, maar aan de koopkracht van een dollar.
Het gat in de stablecoinmarkt
Bestaande stablecoins zoals USDT en USDC worden gedekt door cash of kortlopende Amerikaanse staatsobligaties (T-bills). Ze zijn ontworpen om precies $1 te blijven, ook als de inflatie aantrekt. Dat is handig als ruilmiddel, maar het lost een ander probleem niet op.
Ashton verwoordt het scherp in een interview met CoinDesk: "The stablecoin boom has accidentally rebuilt only half of the monetary system. Stablecoins solved the medium-of-exchange problem for crypto, but nobody solved the store-of-value problem."
Stablecoins die gebackt worden door cash of T-bills zijn ontworpen om een nominale waarde van $1 te behouden, stelt Ashton, "not to protect purchasing power. In real terms, they are losing value."
Het is een argument dat buiten de cryptowereld al lang wordt gemaakt. In traditionele markten bieden TIPS, Treasury Inflation-Protected Securities, een vergelijkbaar mechanisme: de hoofdsom van deze Amerikaanse staatsobligaties stijgt mee met de inflatie, waardoor de reële waarde behouden blijft. USDi claimt dat principe nu onchain te brengen.
Hoe USDi claimt te werken
USDi koppelt zijn waarde aan een inflatie-index, niet aan een vaste dollar. In theorie betekent dat: als de consumentenprijsindex stijgt, stijgt de waarde van één USDi-token mee. De nominale prijs per token verandert, maar de koopkracht blijft constant.
Dat is architectureel een andere keuze dan de bestaande stablecoinmarkt. Waar USDT en USDC de nominale waarde vastzetten en de reële waarde laten wegslijten bij inflatie, draait USDi dat om: de reële waarde staat vast, de nominale prijs fluctueert.
De eerste doelgroep is expliciet institutioneel: verzekeraars en grote institutionele partijen die langlopende verplichtingen in reële termen hebben. Denk aan een verzekeraar die over twintig jaar een uitkering moet doen die nog steeds koopkracht heeft. In een latere fase zou USDi ook sectorspecifieke inflatie-hedging mogelijk maken, bijvoorbeeld gekoppeld aan de zorgkosten-index of collegegeld, twee sectoren waar inflatie structureel boven het gemiddelde uitkomt.
Serieuze innovatie of slim getimed marketingverhaal?
Het moment is gunstig gekozen. De Amerikaanse inflatie versnelde in maart naar 0,9% maand-op-maand, een forse sprong ten opzichte van de 0,3% in februari. TIF berichtte de afgelopen dagen uitgebreid over de energieschok door het Iran-conflict en de gevolgen voor benzineprijzen en de energierekening. Opvallend detail: de kerninflatie, exclusief energie en voeding, viel in maart juist lager uit dan verwacht. De inflatiesprong is dus grotendeels een energieschok, niet een breed gebaseerde prijsstijging.
Dat nuanceert het verhaal enigszins. Als de energieprijzen stabiliseren, verdwijnt een deel van het argument voor een inflatie-hedge tijdelijk van de radar. USDi positioneert zich echter voor de langere termijn, en de vergelijking met TIPS is in dat kader fair: ook TIPS zijn geen crisisproduct, maar een structureel onderdeel van een gespreide portefeuille.
De echte test voor USDi zit in de uitvoering. Een inflatie-gelinkte stablecoin vereist betrouwbare en manipulatiebestendige aanvoer van CPI-data onchain, een robuust onderpand-mechanisme dat de reële waarde daadwerkelijk kan garanderen, en voldoende liquiditeit om institutionele partijen te bedienen. Geen van die uitdagingen is triviaal. De DeFi-wereld heeft de afgelopen jaren meerdere algoritmische en exotische stablecoins zien imploderen.
Ashton's achtergrond als inflatiespecialist geeft USDi meer inhoudelijke geloofwaardigheid dan menig crypto-startup. Maar geloofwaardigheid is geen garantie voor technische soliditeit of marktadoptie.
Wat volgt
USDi richt zich voorlopig op institutionele partijen. Of de bredere stablecoinmarkt, die nu bijna volledig nominaal dollar-gelinkt is, een serieuze verschuiving richting koopkracht-gelinkte tokens doormaakt, hangt af van hoe persistent de huidige inflatiegolf blijkt. De volgende Amerikaanse inflatiecijfers (CPI voor april) verschijnen medio mei en geven een eerste indicatie of de energieschok van maart een eenmalige piek was of het begin van een nieuwe inflatiegolf.
Bronnen: CoinDesk
Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel, beleggings- of fiscaal advies. Today in Finance is geen beleggingsonderneming en beschikt niet over een vergunning als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Raadpleeg altijd een gekwalificeerd financieel adviseur voordat je financiele beslissingen neemt. Today in Finance is niet aansprakelijk voor beslissingen genomen op basis van deze informatie.
Cryptovaluta zijn niet gereguleerd en zeer volatiel. Je kunt je volledige inleg verliezen.