Trump zet oorlogswet in voor kolen: $700 miljoen tegen energieprijzen na Hormuz-sluiting
Trump gebruikt de Defense Production Act om de kolenindustrie te redden na de Hormuz-sluiting. Wat dat zegt over de toekomst van Amerikaans energiebeleid.
President Donald Trump kondigde donderdag in het Witte Huis een federaal pakket van $700 miljoen aan voor de Amerikaanse kolenindustrie, gefinancierd via de Defense Production Act. De maatregel beschermt 14 bestaande kolencentrales en legt de basis voor de bouw van de eerste nieuwe Amerikaanse kolencentrales in dertien jaar. Als rechtvaardiging noemt Trump de opgelopen energieprijzen in de nasleep van de oorlog met Iran en de sluiting van de Straat van Hormuz.
Wat op het eerste gezicht een energiemaatregel lijkt, is bij nader inzien iets fundamenteler: de Iran-oorlog wordt nu expliciet ingezet als rechtvaardiging voor een ommekeer in Amerikaans industriebeleid, weg van hernieuwbare energie en terug naar fossiel. En die ommekeer wordt opgelegd met een wet die in de Koreaanse Oorlog werd geschreven.
De maatregel: wat er is aangekondigd
Het pakket van $700 miljoen valt uiteen in twee delen. Vijfhonderd miljoen dollar aan federale middelen gaat naar het behoud van veertien bestaande kolencentrales, verspreid over tien staten: Kentucky, North Carolina, Indiana, Tennessee, Arkansas, Arizona, Oklahoma, North Dakota, Wisconsin en West Virginia. Daarnaast financiert dit deel de opening van een nieuwe exportterminal in Oakland, Californië, die naar verwachting 1.400 banen oplevert.
De resterende $200 miljoen, verstrekt via het Department of Energy, is bestemd voor de bouw van twee nieuwe kolencentrales: één in Alaska en één in West Virginia. Dit worden de eerste nieuwe kolencentrales die de VS in dertien jaar bouwt. Ter vergelijking: de laatste nieuwe kolencentrale dateert uit 2013, een periode waarin de economische logica van kolen stelselmatig is ondermijnd door goedkoper aardgas en sterk gedaalde kosten voor zonne- en windenergie.
In totaal ondersteunt het pakket 42 kolenmijnen en circa 14.000 banen. Trump claimt dat de maatregel $50 miljard bespaart op nieuwe energieopwekkingskosten die anders aan consumenten zouden zijn doorberekend.
"So today we're taking historic action to bring down the price of energy and the cost of living for all Americans with the power of clean, beautiful coal," zei Trump tijdens de aankondiging in het Witte Huis. Landen die investeren in hernieuwbare energiebronnen noemde hij "failure countries."
De juridische basis: een Cold War-wet voor fossiel
De Defense Production Act dateert uit 1950 en werd tijdens de Koreaanse Oorlog ontworpen om de federale overheid brede bevoegdheden te geven over industrieën die vitaal zijn voor de nationale veiligheid. Historisch is de wet gebruikt om productie van strategische goederen te versnellen, van munitie tot medische uitrusting tijdens de COVID-19-pandemie en halfgeleiders voor de chipindustrie.
Het inzetten van de Defense Production Act voor fossiele brandstoffen is een opmerkelijke stap, die naar verwachting juridische uitdagingen zal opleveren. Critici zullen betwisten of kolen in de huidige energiemix redelijkerwijs als "vitaal voor nationale veiligheid" kan worden geclassificeerd, zeker in een periode waarin gas en hernieuwbare energie goedkopere en betrouwbaardere alternatieven zijn geworden. Tegelijkertijd is de presidentiële manoeuvreerruimte onder de DPA historisch ruim: eerdere rechters hielden zich terughoudend bij het toetsen van presidentiële besluiten op grond van deze wet.
De geopolitieke trigger: Hormuz en de inflatiepolitiek
De aankondiging is onlosmakelijk verbonden met de oorlog met Iran. De sluiting van de Straat van Hormuz, waardoor een significante fractie van de mondiale olie- en LNG-transporten geblokkeerd raakte, dreef de energieprijzen voor Amerikaanse huishoudens en bedrijven op. Trump positioneert het kolenpakket expliciet als een antwoord op die prijsstijgingen.
Dat is een politiek begrijpelijke lijn. Energieprijzen zijn zichtbaar voor consumenten: de benzineprijs aan de pomp, de energierekening thuis. Als de Iran-oorlog leidt tot hogere energiekosten, heeft de president er belang bij een maatregel te kunnen presenteren die die kosten structureel verlaagt, liefst vóór het momentum keert.
Maar de economische logica wringt. De $700 miljoen aan federale uitgaven staat tegenover een geclaimde besparing van $50 miljard, een verhouding van 1 op ruim 70. Die claim veronderstelt dat kolen op grote schaal gas en hernieuwbare energie vervangt als goedkoopste opwekkingsvorm, iets wat de markt de afgelopen decennia juist heeft weerlegd. Nieuwe kolencentrales zijn niet gebouwd omdat ze te duur zijn om te bouwen en te exploiteren in vergelijking met aardgas en hernieuwbare alternatieven, niet vanwege regelgeving alleen.
Wat dit signaleert over Amerikaans energiebeleid
Dit is waar de diepere implicatie van de maatregel ligt. De Iran-oorlog biedt Trump een geopolitieke rechtvaardiging om een industrieel beleid door te voeren dat zonder die context politiek veel moeilijker te verdedigen valt. De kolenindustrie verliest al meer dan een decennium economisch terrein. Investeringen in nieuwe capaciteit zijn decennia lang uitgebleven, niet door een gebrek aan politieke wil maar door een gebrek aan economische rationaliteit.
Door de Defense Production Act in te zetten, omzeilt de regering marktmechanismen. Federale middelen compenseren de rendabiliteitskloof die de markt al lang heeft ingecalculeerd. Dat is een fundamenteel andere aanpak dan subsidies of belastingvoordelen: het is een directe overheidsopdracht, gelegitimeerd door nationale veiligheid.
Het patroon is breder herkenbaar. Eerder deze week berichtte TIF over de oplopende jobless claims in de VS, waarbij 225.000 nieuwe aanvragen het hoogste niveau markeerden sinds het begin van de Iran-oorlog. De oorlog herstructureert Amerikaans beleid op meerdere fronten tegelijk: arbeidsmarkt, handel, energie. Kolen is de meest symbolisch geladen uitdrukking van die herstructurering.
Voor Europese beleidsmakers en energiebedrijven is het signaal relevant. Als de VS structureel terugkeert naar kolen als basislastoptie, verandert de dynamiek op mondiale koolstofmarkten, exportterminals en de prijsvorming van LNG. De exportterminal in Oakland is daarin veelzeggend: niet alleen productie voor de eigen markt, maar ook positionering voor export naar Aziatische afnemers.
Wat volgt
De twee nieuwe kolencentrales in Alaska en West Virginia zullen naar verwachting jaren in beslag nemen om te bouwen en in gebruik te nemen. Juridische uitdagingen op grond van het gebruik van de Defense Production Act voor fossiele brandstoffen liggen voor de hand en kunnen de uitvoering vertragen. Op kortere termijn zijn het de bestaande veertien centrales die operationeel blijven door de federale bescherming, wat op regionaal niveau de energieprijs kan dempen in de betrokken staten. Of dat effect opweegt tegen de structureel hogere energieprijzen als gevolg van de Hormuz-sluiting, blijft vooralsnog onzeker.
De Democratische oppositie en milieuorganisaties hebben zich nog niet uitgesproken over mogelijke rechtszaken, maar eerdere inzet van de Defense Production Act voor gevoelige sectoren leidde telkens tot juridische procedures. De eerste testcases zullen waarschijnlijk nog dit jaar volgen.
Bronnen: Witte Huis, Department of Energy, Defense Production Act (1950)
Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel, beleggings- of fiscaal advies. Today in Finance is geen beleggingsonderneming en beschikt niet over een vergunning als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Raadpleeg altijd een gekwalificeerd financieel adviseur voordat je financiele beslissingen neemt. Today in Finance is niet aansprakelijk voor beslissingen genomen op basis van deze informatie.