IMF: energieschok en AI-golf splitsen de wereldeconomie in twee
IMF verlaagt de mondiale groei naar 3,0%. De eurozone groeit amper (0,9%), terwijl Zuid-Korea versnelt dankzij AI-hardware-export.
De wereldeconomie groeit in 2026 met 3,0%, maar dat gemiddelde verhult een diepe kloof. Terwijl de VS en AI-hardware-exporteurs als Zuid-Korea versnellen, staat de eurozone bijna stil met 0,9% groei. Het IMF constateert twee krachten die in tegengestelde richtingen trekken: de energieschok van de Iran-oorlog remt energie-importeurs af, de AI-investeringsgolf tilt technologielanden omhoog.
De mondiale inflatie stijgt dit jaar naar 4,7%, omhoog van 4,1% in 2025. Twee jaar van disinflatie staat stil.
De schok die alles verandert
Op 28 februari vielen Amerikaanse en Israëlische strijdkrachten Iran aan. Iran sloot daarna de Straat van Hormuz af, de zeestraat waar een vijfde van de wereldwijde ruwe olie en aardgas doorheen gaat. Het IMF verwacht dat olieprijzen dit jaar bijna 32% hoger uitvallen dan vorig jaar. Die prijsschok werkt als een belasting op elke economie die energie importeert: het remt de productie, vergroot handelsdeficits en drijft de inflatie op.
De resulterende prognose voor mondiale groei in 2026, 3,0%, ligt 0,1 procentpunt lager dan het IMF in april nog verwachtte, en duidelijk onder het gemiddelde van 3,5% dat de twee jaren daarvoor gold. Voor 2027 rekent het IMF op herstel naar 3,4%, maar dat scenario staat of valt met de stabiliteit in het Midden-Oosten. Recentelijk brak de VS-Iran-wapenstilstand opnieuw, en president Donald Trump claimde dat de bestandsdeal voorbij was. Het IMF waarschuwt dat hernieuwd conflict "looms large" als risico.
De eurozone: amper groeiend
Nergens is de energiepijn zichtbaarder dan in de eurozone. De 21 landen die de euro hanteren groeien collectief met slechts 0,9% in 2026, ten opzichte van 1,4% in 2025. Dat is een terugval die de structurele kwetsbaarheid van Europa blootlegt: het blok is sterk afhankelijk van ingevoerde energie en heeft nauwelijks eigen productie om de schok op te vangen.
De hoge energierekening werkt door in bijna alle sectoren. Industriële productiekosten stijgen, de koopkracht van huishoudens slinkt en de winstmarges in energie-intensieve industrie staan onder druk. Tegelijkertijd beschikt de eurozone over beperkte beleidsruimte. De ECB ziet zich geconfronteerd met stagflatie-signalen: groei valt weg terwijl inflatie oploopt. Het IMF beveelt aan dat monetair beleid zich blijft richten op prijsstabiliteit, wat de ruimte voor stimuleringsmaatregelen inperkt.
De VS en AI: aan de goede kant van beide krachten
De VS groeit in 2026 met 2,3%, iets hoger dan de 2,1% van 2025 en ongewijzigd ten opzichte van de april-prognose. De verklaring is tweeledig. De VS is als energie-exporteur relatief geïsoleerd van de Hormuz-schok: hogere olieprijzen schaden Amerikaanse importeurs, maar bevoordelen tegelijkertijd de binnenlandse oliesector. Per saldo is het effect beperkt.
Belangrijker is de AI-investeringsgolf. Belastingverlagingen die in 2025 werden doorgevoerd, productiviteitswinst uit vroege AI-adoptie en een sterke aandelenmarkt versterken de economische dynamiek. De VS bevindt zich zowel aan de vraagzijde als aan de investeringszijde van de mondiale technologiecyclus.
Zuid-Korea: de grootste winnaar
De meest opvallende opwaartse bijstelling in de hele IMF-publicatie gaat naar Zuid-Korea. De prognose voor 2026 werd met 0,7 procentpunt verhoogd naar 2,6%, de grootste opwaartse bijstelling onder de 30 grote economieën die het IMF volgde. Voor 2027 staat er een verdere bijstelling van 0,4 procentpunt naar 2,5%.
De drijver is halfgeleider- en AI-hardware-export. Het IMF bestempelt Zuid-Korea als een van de vier leidende netto-exporteurs van AI-hardware wereldwijd, naast Taiwan, Thailand en Maleisië. Een functionaris van het Koreaanse Ministerie van Financiën en Economie stelde dat de aanvullende opwaartse bijstelling voor 2027 suggereert dat "Korea's semiconductor and AI-related growth momentum could continue into next year."
Die versnelling staat haaks op de eurozone. Terwijl Europa energie importeert en daar voor betaalt, exporteert Korea de infrastructuur voor de volgende economische cyclus.
China: remming, maar geen val
China groeit in 2026 met 4,6%, terug van 5% in 2025, maar iets sneller dan het IMF in april voorzag. De hogere energieprijzen en de aanhoudende krimp van de vastgoedmarkt drukken op de groei. Tegelijkertijd compenseren overheidsinvesteringen, hightech-productie en een booming export een deel van die tegenwind. China zit in een middenpositie: geen energieschok-slachtoffer zoals Europa, maar ook geen AI-hardware-winnaar van het kaliber van Korea of Taiwan.
Disinflatie voorbij: wat het betekent
De mondiale inflatie stijgt van 4,1% in 2025 naar 4,7% in 2026, het hoogste niveau in deze cyclus na de normalisering die in 2024 was ingezet. Voor 2027 verwacht het IMF een daling naar 3,9%, maar die verwachting is sterk afhankelijk van de energieprijsontwikkeling.
De gestokte disinflatie heeft directe gevolgen voor het monetaire beleid wereldwijd. Centrale banken die in 2024 en 2025 begonnen met renteverlagingen, zien de ruimte daarvoor slinken. De ECB staat voor de zwaarste afweging: renteverlaging om een wankele eurozone-economie te ondersteunen, of vasthouden om inflatie te beteugelen. Het IMF laat er geen misverstand over bestaan: prijsstabiliteit heeft prioriteit.
Dat de disinflatie stopt door een aanbodfactor, een geopolitieke schok op energieprijzen, maakt het beleidsdilemma ernstiger. Monetair beleid kan een aanbodschok niet wegnemen. Het kan wel voorkomen dat tijdelijk hogere inflatie zich vastzet in verwachtingen en loononderhandelingen.
Twee snelheden, één wereldeconomie
De kern van de IMF-analyse is structureel: de wereldeconomie splitst in twee groepen. Aan de ene kant landen die hun eigen energie produceren en die profiteren van de AI-investeringscyclus. Zij groeien sneller en kijken geïsoleerd toe hoe de geopolitieke crisis elders slaat. Aan de andere kant economieën die afhankelijk zijn van ingevoerde energie en die de AI-golf missen of uitstellen.
De eurozone zit in die tweede groep, maar is niet hopeloos. Europese halfgeleiderinvesteringen (het Chips Act-programma) kunnen op termijn positie geven in de AI-hardware-keten. Op korte termijn domineert de energierekening.
Het IMF wijst ook op de groeiende handelsfragmentatie als zelfstandig risico. Sanctieregimes, exportcontroles op halfgeleiders en geopolitieke blokvorming voegen een tweede laag van economische scheiding toe bovenop de energieschok.
Vooruitblik
De eerstvolgende toets voor de IMF-prognoses is de ontwikkeling in het Midden-Oosten. Een hervatting of escalatie van het Iran-conflict trekt de mondiale groeicijfers direct naar beneden. Aan de bovenkant bewaakt de AI-investeringsgolf zichzelf: als grote techbedrijven hun capex-plannen bijstellen, verliest de positieve kracht aan kracht. Het IMF presenteert zijn volgende volledige World Economic Outlook in oktober 2026, maar zal bij verdere escalatie eerder bijstellen.
Bronnen: IMF
Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel, beleggings- of fiscaal advies. Today in Finance is geen beleggingsonderneming en beschikt niet over een vergunning als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Raadpleeg altijd een gekwalificeerd financieel adviseur voordat je financiële beslissingen neemt. Today in Finance is niet aansprakelijk voor beslissingen genomen op basis van deze informatie.