Jij en je buurman verdienen hetzelfde, maar hij betaalt minder belasting. Het CPB legt uit waarom
Nieuw CPB-rapport toont: zelfde bruto-inkomen, heel andere belastingdruk. Hoe het fiscale systeem huurders en werknemers in loondienst benadeelt.
Stel: jij en je buurman verdienen allebei €65.000 bruto per jaar. Jullie wonen in dezelfde straat, kopen bij dezelfde supermarkt en gaan naar hetzelfde sportschool. Maar aan het einde van het jaar betaalt hij duizenden euro's minder belasting dan jij. Niet omdat hij sjoemelt, maar omdat het systeem zo werkt. Dat is precies wat het CPB vandaag blootlegt in een nieuw rapport.
Wat heeft het CPB vandaag gepubliceerd?
Het Centraal Planbureau publiceert vandaag het rapport "De hoogste bomen vangen minder wind: belastingdruk op inkomens en vermogens". De hoofdconclusie is helder: de economische ongelijkheid tussen Nederlandse huishoudens neemt toe, en het belastingstelsel helpt daar actief aan mee.
Op papier is de inkomstenbelasting progressief: hoe meer je verdient, hoe meer je betaalt. Maar in de praktijk hebben de meest welvarende huishoudens meer mogelijkheden om hun belastingdruk te verlagen. De fiscale regelingen rond eigenwoningbezit en pensioenopbouw zijn daarin de grootste boosdoeners. Het CPB stelt nadrukkelijk dat "de economische onderbouwing daarvoor vaak ontbreekt."
Dat is stevige taal voor een planbureau. Het rapport bouwt voort op eerder CPB-onderzoek naar ongelijkheid en herverdeling uit 2022, dat al tot vergelijkbare conclusies kwam.
Verschil 1: huurder versus woningbezitter
Dit is het meest concrete voorbeeld voor young professionals. Jij en je buurman verdienen hetzelfde, maar hij kocht vorig jaar een huis. Wat verandert er dan?
Je buurman betaalt hypotheekrente en mag die aftrekken van zijn belastbaar inkomen. In de hoogste belastingschijf (49,5%) levert elke euro rente bijna 50 cent belastingvoordeel op. Tegelijkertijd rekent de Belastingdienst hem een eigenwoningforfait aan, maar dat fictieve inkomen valt in de praktijk lager uit dan het werkelijke voordeel van de aftrek.
Jij huurt. Je betaalt je huur uit netto inkomen, zonder enig fiscaal voordeel. Vermogen bouw je niet op via je woning; als je spaargeld hebt, valt dat in box 3 en betaal je daar belasting over.
Resultaat: bij gelijk bruto-inkomen heeft de woningbezitter een structureel lagere belastingdruk én bouwt hij vermogen op, terwijl de huurder beide voordelen mist. Niet tijdelijk, maar jaar na jaar.
Verschil 2: werknemer versus directeur-grootaandeelhouder
De tweede grote ongelijkheid in het rapport gaat over hoe inkomen wordt ontvangen. Als werknemer in loondienst valt al je inkomen in box 1. Dat is de box met de hoogste tarieven: tot 49,5%.
Een directeur-grootaandeelhouder (dga) heeft meer flexibiliteit. Hij of zij kan kiezen om winst in de bv te laten zitten in plaats van als salaris op te nemen. Die winst wordt belast via de vennootschapsbelasting en, bij uitkering als dividend, via box 2. Hoewel de box 2-tarieven de afgelopen jaren zijn verhoogd, blijft de combinatie van vennootschapsbelasting en box 2 in veel gevallen gunstiger dan het toptarief in box 1.
Voor de gemiddelde young professional in loondienst is dat lastig te compenseren. Je hebt geen bv, je hebt geen keuze in welke box je inkomen valt.
Het systeem herverdeelt niet, de uitgaven wel
Een van de scherpste bevindingen van het CPB gaat over de aard van het belastingstelsel zelf. Op basis van eerder CPB-onderzoek blijkt dat het belastingsysteem als geheel regressief is: hoge belastingen op consumptie (btw, accijnzen), vlakke premies voor sociale zekerheid en relatief lage belastingen op kapitaalinkomens slaan relatief zwaarder neer bij lagere inkomens.
De afname van ongelijkheid die Nederland wél laat zien, komt volledig voor rekening van de overheidsuitgaven, denk aan zorg, onderwijs en toeslagen, niet van het belastingstelsel zelf. Haal je die uitgaven weg, dan is het belastingstelsel dus geen herverdelend instrument.
Het CPB formuleert het voorzichtig maar helder: "Welke mate van ongelijkheid wenselijk of acceptabel is, is een politieke vraag. Dat geldt ook voor de mate waarin het belastingstelsel een herverdelende werking zou moeten hebben, maar de meeste mensen zijn van mening dat herverdeling via de belastingen gewenst is."
Wat kan de politiek hiermee?
Het CPB levert bewust geen politieke aanbevelingen, dat is niet zijn rol. Maar de richting van mogelijke oplossingen is niet moeilijk te raden: minder fiscale voordelen voor woningbezitters (verder beperken van de hypotheekrenteaftrek), gelijkere behandeling van verschillende inkomensvormen en meer belasting op vermogen in plaats van op arbeid.
Of dat ook gaat gebeuren, is een andere vraag. De hypotheekrenteaftrek is politiek extreem gevoelig; eerdere inperkingen kostten kabinetten serieus kapitaal. En een fundamentele herziening van de vermogensbelasting (box 3) sleept al jaren door de rechtbanken en de Tweede Kamer.
Wat volgt?
Het CPB-rapport verschijnt vandaag en zal de komende dagen zeker besproken worden in de Tweede Kamer. De formerende partijen hebben belastinghervorming als onderwerp op de politieke agenda staan, maar concrete wetgeving laat doorgaans jaren op zich wachten. Volg de Prinsjesdag-plannen dit najaar voor de eerste signalen of politici iets met deze conclusies doen.
Bronnen: CPB (rapport "De hoogste bomen vangen minder wind", 6 mei 2026), CPB (ongelijkheid en herverdeling in Nederland, 2022)
Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel, beleggings- of fiscaal advies. Today in Finance is geen beleggingsonderneming en beschikt niet over een vergunning als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Raadpleeg altijd een gekwalificeerd financieel adviseur voordat je financiele beslissingen neemt. Today in Finance is niet aansprakelijk voor beslissingen genomen op basis van deze informatie.