Amerikaans consumentenvertrouwen op historisch dieptepunt: de paradox van pessimisme en bestedingen
Het consumentenvertrouwen in de VS zakte naar 49,8, het laagste ooit. Toch blijven Amerikanen uitgeven. Hoe lang houdt die paradox stand?
De University of Michigan Consumer Sentiment Index staat in april 2026 op 49,8, voor het eerst onder de 50-puntengrens in de 74-jarige geschiedenis van de index. Tegelijkertijd blijven Amerikaanse consumenten gewoon uitgeven. Die kloof vertelt het echte verhaal over de Amerikaanse economie.
Een historisch laagterecord
De definitieve aprillezing van 49,8 is een daling van 6,6% ten opzichte van maart, toen de index nog op 53,3 stond. Zowel de Index of Current Economic Conditions als de Index of Consumer Expectations registreerden dubbele-cijfer-dalingen. Dat beide subindices tegelijk zo hard zakken, is uitzonderlijk: het betekent dat Amerikanen zowel over hun huidige situatie als over de toekomst somber zijn.
De index wordt gemeten sinds 1952. De ondergrens van 50 was tot nu toe nooit doorbroken, ook niet tijdens de financiële crisis van 2008-2009, niet tijdens de pandemie en niet tijdens de inflatiegolf van 2022-2023.
Joanne Hsu, directeur van de Surveys of Consumers aan de University of Michigan, wijst het conflict in het Midden-Oosten aan als de primaire katalysator. Respondenten noemen stijgende prijzen en dalende vermogenswaarden als hun voornaamste zorgen.
Iran als katalysator, Hormuz als knelpunt
De oorsprong van de huidige sentimentdaling ligt in de escalerende spanningen in het Midden-Oosten. De aanhoudende blokkade van de Straat van Hormuz, een van de meest kritieke doorvoerroutes voor mondiale energiehandel, verstoort supply chains en drijft energieprijzen op. Dat sijpelt door in de kosten van levensonderhoud die consumenten dagelijks voelen.
De inflatieverwachtingen voor het komende jaar sprongen van 3,8% in maart naar 4,8% in april, een stijging van een vol procentpunt in één maand. Dat is het snelste tempo van verslechtering van inflatieverwachtingen in recent geheugen, en die verwachtingen werken als een zichzelf deels vervullende voorspelling: wie hogere prijzen verwacht, past zijn gedrag aan.
Opvallend is dat op 7 april een staakt-het-vuren werd aangekondigd, maar de meeste survey-interviews waren vóór dat moment afgenomen. De definitieve lezing van april reflecteert dus grotendeels de stemming vóór enige diplomatieke ontspanning. Of dat staakt-het-vuren standhoudt en hoe consumenten dat in de komende maanden gaan verwerken, is een open vraag.
De paradox: waarom gaan de bestedingen dan niet omlaag?
Hier ligt de kern van de analyse. Sentiment en bestedingsgedrag zijn van elkaar losgekoppeld, en dat heeft twee concrete verklaringen.
De eerste is de tax refund season. Het is nu belastingteruggaafseizoen in de VS, en de teruggaven zijn dit jaar groter dan gebruikelijk vanwege de begrotingswet van vorig jaar. Dat extra geld belandt direct in de retailers. Elizabeth Pancotti, managing director of policy and advocacy bij de Groundwork Collaborative, formuleert het scherp: "I suspect as we head out of tax season, this is really the inflection point in all of that data. Especially if the war continues and prices keep rising."
De tweede verklaring is het nominale prijseffect. Als prijzen stijgen, stijgen retailverkopen in nominale termen mee, ook al koopt een consument precies hetzelfde of zelfs minder. De retailcijfers in dollars zien er dan goed uit, terwijl het reële consumptieniveau stagneert of zelfs daalt.
Beide effecten maskeren de onderliggende kwetsbaarheid. De Census Bureau retail sales voor maart worden aanstaande dinsdag gepubliceerd en worden nog sterk verwacht, mede om deze redenen.
Mark Mathews, chief economist van de National Retail Federation, nuanceert de zorgen op kortere termijn: "We'd need to see at least a few more months of higher prices, I think, before it really begins to impact consumers' ability to spend." Dat is een relevante toevoeging: er zit vertraging in de transmissie van sentiment naar gedrag.
Wanneer convergeren sentiment en bestedingen?
De timing van het kantelpunt is de centrale vraag voor de komende maanden. Pancotti plaatst het einde van het belastingteruggaafseizoen als het meest waarschijnlijke moment van convergentie. Zodra die eenmalige impuls wegvalt en de nominale prijsdruk aanhoudt, verdwijnen de twee buffers die de bestedingen nu nog overeind houden.
Als het Iran-conflict niet de-escaleert en de Hormuz-blokkade voortduurt, houdt de opwaartse druk op energieprijzen en supply chain-kosten aan. Dat versterkt de inflatiespiraal die consumenten al in hun verwachtingen hebben ingebakken. De S&P 500 liet in april een verrassende rally zien en bereikte recordhoogtes, wat als tegenkracht kan werken voor de hogere vermogensbezitters via het zogenoemde vermogenseffect. Maar de brede consument voelt die beursrally niet direct in zijn portemonnee.
Wat dit betekent voor mondiale markten
Amerikaans consumentenvertrouwen is niet alleen een Amerikaans verhaal. De VS is verantwoordelijk voor een substantieel deel van de mondiale vraag, en een structurele daling van Amerikaanse consumentenbestedingen werkt door in exportmarkten wereldwijd, inclusief Europa. Nederlandse en Europese exportbedrijven die afhankelijk zijn van de Amerikaanse afzetmarkt, zijn kwetsbaar als de Amerikaanse consument daadwerkelijk de hand op de knip houdt.
De combinatie van recordlage sentimentscijfers, sterk oplopende inflatieverwachtingen en een geopolitiek conflict dat supply chains verstoort, levert een mengeling op die het monetaire beleid van de Federal Reserve compliceerter maakt: hogere inflatieverwachtingen pleiten voor een restrictief beleid, maar een recessiescenario bij dalende bestedingen pleit juist voor versoepeling.
Vooruitblik
Dinsdag 28 april publiceert het Census Bureau de retailverkoopdata over maart. Die cijfers bieden de eerste concrete toets voor de vraag of de bestedingskloof al zichtbaar begint te worden. Daarna geldt het einde van het belastingteruggaafseizoen als het meest kritieke moment: als de tax refund-impuls wegvalt en de sentimentdaling niet keert, wordt de komende maanden zichtbaar of de Amerikaanse consument werkelijk gaat bezuinigen, of juist toch veerkrachtiger blijkt dan de sentiment-enquêtes suggereren.
Bronnen: University of Michigan Surveys of Consumers
Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel, beleggings- of fiscaal advies. Today in Finance is geen beleggingsonderneming en beschikt niet over een vergunning als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Raadpleeg altijd een gekwalificeerd financieel adviseur voordat je financiële beslissingen neemt. Today in Finance is niet aansprakelijk voor beslissingen genomen op basis van deze informatie.