Blijf financieel scherp

Elke dag het belangrijkste financiële en zakelijke nieuws in je inbox. Zodat jij de dag begint met voorsprong.

Gelukt! Check je e-mail

Klik op de bevestigingslink in je inbox om je aanmelding te voltooien. Niet ontvangen binnen 3 minuten? Check je spamfolder.

Oké, bedankt
Moderne serverruimte met zwarte racks langs beide zijden, betonnen vloer, daglicht van bovenaf.
AI-bubbelvrees terug: wie betaalt de 7,6 biljoen?

AI-bubbelvrees is terug: wie betaalt de $7,6 biljoen rekening?

De Nasdaq daalt bijna 5% terwijl twijfel groeit of de 7,6 biljoen dollar aan AI-investeringen zich ooit terugverdient.

Naomi de Vries profile image
door Naomi de Vries

Na een rally van bijna drie maanden naar recordhoogtes kregen techbeleggers deze week de rekening gepresenteerd. De Nasdaq Composite daalde bijna 5% over de week, met op dinsdag een verlies van circa 3% in één sessie. De vraag die de selloff aandrijft is niet nieuw, maar dringt zich nu acuter op: wie gaat de $7,6 biljoen aan AI-infrastructuur eigenlijk terugbetalen?

De correctie na drie maanden euforie

Halfgeleiderbedrijven namen de klap het hardst. Nvidia en Intel behoorden tot de zwaarst getroffen namen, terwijl een toonaangevende index van mondiale chipbedrijven fors weggleed. Dat is opmerkelijk, want de chipsector was de motor achter de rally die tech-aandelen sinds de cyclische bodems van 2022 meer dan verdubbeld had.

Die verdubbeling droeg de kiem van zijn eigen correctie al in zich. Na negentig aaneengesloten handelsdagen die koersen naar historische hoogtepunten stuwden, was elke aanleiding voor twijfel genoeg om de lucht eruit te laten lopen. Die aanleiding bleek niet één wanpresterende winstrapportage of een Fed-schok, maar iets subtielers: een groeiende onzekerheid over de vraag of de gigantische AI-investeringen ooit de verwachte rendementen zullen genereren.

SpaceX, dat op 12 juni zijn beursdebuut maakte tegen een introductieprijs van $150, is illustratief voor de kwetsbaarheid van recente beursgangen in dit klimaat. De koers zakte tijdens de turbulentie onder de introductieprijs, voordat een bescheiden herstel volgde naar $156. Zelfs namen met enorme verwachtingen ingebakken blijken niet immuun.

De kloof tussen uitgaven en terugverdienen

Goldman Sachs raamt dat techbedrijven tot 2031 in totaal $7,6 biljoen investeren in het bouwen van duizenden nieuwe datacenters voor AI. Dat is geen typo: $7,6 biljoen, het equivalent van meerdere jaren aan het gehele bruto binnenlands product van Duitsland.

Tegenover die uitgaven staat een groeiende vraag naar de betalingsbereidheid aan de andere kant van de markt. Het beeld dat oprijst is ontnuchterend. Amerikanen gebruiken AI steeds vaker, maar uit data van het Bank of America Institute blijkt dat weinigen er daadwerkelijk voor willen betalen. Gebruik stijgt, omzetconversie blijft achter.

Kate Brennan, associate director bij onderzoeksinstituut AI Now, verwoordde het scherp tegenover CBS News: "The returns are not coming in, and the claims that are being made, in terms of efficiency or productivity numbers, are not netting out."

Dat is het centrale probleem. De efficiency-winsten die AI-leveranciers beloven, materialiseren zich in de bedrijfspraktijk niet in de mate die de investeringsthese rechtvaardigt. Bedrijven adopteren de technologie, maar de opschaling naar volwaardige betalende implementaties verloopt trager dan de datahallen worden gebouwd.

Tegelijk schildert het Pew Research Center een bredere scepsis. Uit een recente poll blijkt dat 40% van de Amerikaanse volwassenen verwacht dat AI de komende twintig jaar een negatief maatschappelijke kracht zal zijn, tegenover slechts 16% dat positief gestemd is. Publieke scepsis vertaalt zich niet automatisch in lagere bedrijfsadoptie, maar het tekent een mentaal klimaat dat de premiumpricing van AI-diensten compliceerder maakt.

Schuldfinanciering en het stille kredietrisico

Hier ligt de minder zichtbare kwetsbaarheid. Alphabet, Amazon, Meta, Microsoft en Oracle, de vijf hyperscalers die de AI-infrastructuur domineren, wenden zich in toenemende mate tot de schuldmarkten om hun enorme capex-programma's te financieren. Brennan benoemt het expliciet: "There's concern around how much hyperscalers are turning to debt markets in order to finance the infrastructure buildout."

De schuldfinanciering op zichzelf is niet per definitie alarmerend; deze bedrijven hebben balansen die de meeste staten beschamen. Maar de combinatie van factoren geeft bondholders en risicoanalisten reden tot aandacht. Als de terugverdientijd van AI-infrastructuur langer uitvalt dan de modellen nu veronderstellen, drukt dat op de kasstromen die de schuldenlast moeten onderhouden. En bij een renteclimaat dat structureel hoger blijft dan het decennium voor 2022, zijn de financieringskosten van nieuwe obligaties substantieel hoger dan de schuld die ze aanvullen of vervangen.

De vergelijking met de dotcom-boom, die in marktcommentaar circuleert, verwijst specifiek naar dit mechanisme: bedrijven die aandelen en obligaties uitgeven om infrastructuur te bouwen voor een vraag die er in die omvang nog niet is. Het is een hefboom die werkt zolang het vertrouwen intact is en de rentes meevallen. Maar bij een draai in het sentiment versterkt dezelfde hefboom de neerwaartse beweging.

Dat wil niet zeggen dat de vergelijking één op één opgaat. De hyperscalers van 2026 genereren reële omzet, winst en kasstromen; het dot-com-tijdperk was bevolkt met bedrijven die uitsluitend op belofte draaiden. Maar het geeft wél aan dat de waarderingen van de AI-infrastructuurketen steeds meer afhankelijk zijn van het nakomen van ambitieuze aannames.

Wat volgt

De komende weken leveren de eerste concrete testmomenten. De grote Amerikaanse techbedrijven presenteren hun kwartaalcijfers in juli, waarbij beleggers specifiek zullen letten op de capex-guidance en de mate waarin AI-diensten meetbare omzetgroei genereren. Goldman Sachs publiceert doorlopend updates op zijn AI-investeringstracker. Als de cijfers de kloof bevestigen tussen uitgaven en gerealiseerde opbrengsten, is de kans groot dat de selloff van deze week geen incident was, maar een vroegtijdig signaal van een bredere herwaardering.


Bronnen: Goldman Sachs, Bank of America Institute, Pew Research Center

Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel, beleggings- of fiscaal advies. Today in Finance is geen beleggingsonderneming en beschikt niet over een vergunning als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Raadpleeg altijd een gekwalificeerd financieel adviseur voordat je financiële beslissingen neemt. Today in Finance is niet aansprakelijk voor beslissingen genomen op basis van deze informatie.

Naomi de Vries profile image
door Naomi de Vries

Blijf financieel scherp

Elke dag het belangrijkste financiële en zakelijke nieuws in je inbox. Zodat jij de dag begint met voorsprong.

Gelukt! Check je e-mail

To complete Subscribe, click the confirmation link in your inbox. If it doesn’t arrive within 3 minutes, check your spam folder.

Oké, bedankt

Lees meer