Blijf financieel scherp

Elke dag het belangrijkste financiële en zakelijke nieuws in je inbox. Zodat jij de dag begint met voorsprong.

Gelukt! Check je e-mail

Klik op de bevestigingslink in je inbox om je aanmelding te voltooien. Niet ontvangen binnen 3 minuten? Check je spamfolder.

Oké, bedankt
Man met winkelwagen in supermarktgang met schappen vol schoonmaakmiddelen en huishoudproducten
Industrieprijzen stijgen 5,8%: wat betekent dat?

Industrie rekent fors hogere prijzen: wat betekent dat voor jouw portemonnee?

De Nederlandse industrie rekent fors hogere prijzen, aangedreven door dure olie. Hoe werkt dat door naar de winkels, en hoe hard raakt het jou?

Thomas Mulder profile image
door Thomas Mulder

Na maanden van prijsdaling in de Nederlandse industrie slaat de teller om. In mei 2026 lagen de afzetprijzen van de Nederlandse industrie 5,8% hoger dan een jaar eerder, blijkt uit cijfers van het CBS. In april was die stijging nog 4,8%. Twee maanden op rij versnelling, na een lange periode van dalende prijzen. Wat gaat er achter die cijfers schuil, en waarom zou jij er iets van merken?

Van daling naar stijging: wat veranderde er?

Begin 2026 zaten de industrieprijzen nog ruim in het min. In januari daalde de industrie nog 2,5% op jaarbasis, in februari 2,4%. Pas in maart sloeg de trend om naar plus 1,4%, gevolgd door april (+4,8%) en nu mei (+5,8%).

Die ommekeer is fors, al moet je hem in perspectief zien. De piek was in juni 2022, toen industrieprijzen op jaarbasis 24,9% hoger lagen, mede door de energiecrisis na de inval in Oekraïne. Daarna volgden jaren van afkoeling, met zelfs negatieve cijfers door 2023 en grote delen van 2024 en 2025. De huidige stijging is dus een opwaartse correctie na een lange dip, geen herhaling van die crisisjaren.

Waarom stijgen de prijzen? Olie speelt de hoofdrol

Het CBS wijst op een duidelijke schuldige: de olieprijs. In mei kostte een vat ruwe North Sea Brent bijna 89 euro, bijna 56% meer dan een jaar eerder. In april lag die prijs al op bijna 87 euro per vat, ruim 47% meer dan het jaar ervoor.

Die olieprijsstijging hangt samen met de geopolitieke situatie in het Midden-Oosten. Spanningen in de regio joegen de olieprijs omhoog, en olie is voor de industrie een sleutelingrediënt: als brandstof voor productieprocessen, als grondstof voor kunststoffen en chemicaliën, en als brandstof voor transport. Hogere olieprijzen werken door in vrijwel elke productieketen.

Wat zijn afzetprijzen eigenlijk?

Even de jargon-brug. "Afzetprijzen van de industrie" zijn de prijzen die fabrikanten en producenten rekenen aan hun afnemers: andere bedrijven, groothandels, exporteurs. Dit zijn dus nog geen winkelrekprijzen, maar de prijzen eerder in de keten.

Je kunt het vergelijken met de inkoopprijs die een bakker betaalt voor bloem. Als die prijs stijgt, is de kans groot dat de prijs van een brood uiteindelijk ook omhoog gaat, maar er zit tijd en buffer tussen. De bakker kan een tijdlang zelf de hogere kosten opvangen, de groothandel kan marges aanpassen, en pas als de druk lang genoeg aanhoudt, belandt het bij de consument.

Producentenprijzen zijn om die reden een vroege indicator, een voorbode. Ze zeggen iets over wat er later in de winkel kan landen, maar ze zijn geen directe vertaling.

Hoe hard landt dit bij de consument?

Eerlijk antwoord: dat is onzeker, en de recente ontwikkelingen nuanceren het beeld. De CBS-meidata zijn een momentopname. Rond 22 juni zakte de olieprijs naar circa 78 dollar per vat, nadat de VS en Iran een principeakkoord sloten. Dat is een significante daling ten opzichte van de meiniveaus. Economisten van KBC verwachten daardoor dat de eurozone-inflatie in 2026 uitkomt op 2,6% en in 2027 op 1,8%, lagere schattingen dan eerder voorzien.

Met andere woorden: de industrieprijzen stegen fors in mei, maar als de olieprijs daarna structureel lager blijft, temperen ook de druk op producentenprijzen en de doorwerking naar de consument.

Dat neemt niet weg dat de bredere context al merkbaar is. De inflatie in de eurozone versnelde in mei van 3,0% naar 3,2%, waarbij ook de kerninflatie (de inflatie zonder energie en voedsel) opliep van 2,2% naar 2,4%, aldus de economische vooruitzichten van KBC. Hogere producentenprijzen zijn dus één van de factoren in een breder inflatieverhaal dat al in beweging is.

Wat volgt?

Het CBS publiceert maandelijks de afzetprijzen van de industrie. De junicijfers, die volgende maand verschijnen, worden de eerste echte graadmeter voor het effect van de olieprijsdaling na het VS-Iran-akkoord. Als de olieprijs op het lagere niveau blijft, is de kans reëel dat de stijging van industrieprijzen in de komende maanden afvlakt. Zo niet, dan kan de druk in de keten verder oplopen.


Bronnen: CBS, KBC Economische Vooruitzichten juni 2026

Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel, beleggings- of fiscaal advies. Today in Finance is geen beleggingsonderneming en beschikt niet over een vergunning als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Raadpleeg altijd een gekwalificeerd financieel adviseur voordat je financiële beslissingen neemt. Today in Finance is niet aansprakelijk voor beslissingen genomen op basis van deze informatie.

Thomas Mulder profile image
door Thomas Mulder

Blijf financieel scherp

Elke dag het belangrijkste financiële en zakelijke nieuws in je inbox. Zodat jij de dag begint met voorsprong.

Gelukt! Check je e-mail

To complete Subscribe, click the confirmation link in your inbox. If it doesn’t arrive within 3 minutes, check your spam folder.

Oké, bedankt

Lees meer