De SaaS-apocalyps: hoe AI-angst $800 miljard aan softwarewaarde vernietigde in één week
ServiceNow -30%, Salesforce -28%, Intuit -34%. Software-aandelen beleven hun zwartste weken sinds de coronacrash. De reden? AI-agents die het traditionele SaaS-model op z'n kop dreigen te zetten.
Software-mageddon
De tweede week van februari 2026 zal de boeken ingaan als een van de pijnlijkste periodes voor softwarebeleggers in jaren. De S&P 500 Software Index daalde met 13% in vijf handelsdagen. Meer dan $800 miljard aan marktwaarde verdween — en in de eerste zes weken van 2026 is dat opgelopen tot bijna $1 biljoen.
Dit is geen correctie van een enkele naam. Het is een sectorbreed verlies dat de fundamenten van het SaaS-model raakt.
De cijfers liegen niet
De schade is breed en diep. ServiceNow, een van de best presterende softwarenamen van de afgelopen jaren, is in 2026 al ruim 30% gezakt — ondanks het feit dat het bedrijf negen kwartalen op rij de winstverwachtingen overtrof. Salesforce verloor 28% van zijn beurswaarde. Intuit daalde meer dan 34%. Zelfs Microsoft, met al zijn AI-initiatieven, staat 17% lager dan aan het begin van het jaar.
De iShares Software ETF (IGV) is inmiddels officieel in bear market-territorium: meer dan 30% onder de 52-weekshoogte.
Wat maakt beleggers zo bang?
Het korte antwoord: AI-agents. En dan specifiek de opkomst van autonome AI-tools die complexe werkprocessen zelfstandig kunnen uitvoeren.
Het concept dat de markt het meest verontrust is "seat compression" — het idee dat bedrijven met AI-agents drastisch minder softwarelicenties nodig hebben. De rekensom is simpel: als tien AI-agents het werk doen van honderd medewerkers, heb je geen honderd Salesforce-licenties meer nodig. Je hebt er tien. Dat is een potentiële omzetdaling van 90% op dezelfde werkoutput.
Het is die structurele dreiging die beleggers dwingt om het SaaS-model te heroverwegen. Jarenlang was het per-seat-model de goudstandaard: voorspelbare, terugkerende omzet die groeide naarmate klanten meer gebruikers toevoegden. Maar als AI het aantal menselijke gebruikers reduceert, valt die groeimotor stil.
De tegenstem: paniek of paradigmashift?
Niet iedereen is overtuigd dat dit het einde van SaaS is. Wedbush-analist Dan Ives noemde de uitverkoop de "meest ontkoppelde trade die ik ooit heb gezien op Wall Street." Volgens Ives zitten enterprise-klanten diep verankerd in platforms als Salesforce en ServiceNow, met hoge overstapkosten en langlopende contracten. De impact van AI op de korte termijn wordt volgens hem schromelijk overschat.
Ook Nvidia-CEO Jensen Huang mengde zich in het debat. Zijn argument: AI vervangt software niet — het gebruikt en versterkt bestaande software. Het idee dat AI de hele software-industrie overbodig maakt, noemde hij "het meest onlogische ter wereld."
JPMorgan-strategen delen die nuance. Volgens hen prijst de markt een disruptiescenario in dat op de korte termijn onrealistisch is.
Het echte gevecht: van stoelen naar acties
Waar het op neerkomt: softwarebedrijven moeten hun verdienmodel omgooien. In plaats van te factureren per gebruiker, zullen ze moeten overschakelen naar een model dat rekent op basis van wat de AI doet — per actie, per resultaat, per waardecreatie.
Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. De forward earnings-multiples voor de softwaresector zijn gekelderd van gemiddeld 39x naar 21x in minder dan een jaar. Institutionele beleggers vrezen dat de groeimotor van "meer gebruikers toevoegen" permanent is uitgeschakeld.
De earnings-seizoenen van Q1 2026 worden daarmee cruciaal. De maatstaf is niet langer hoeveel nieuwe seats een bedrijf verkoopt, maar hoe snel het overstapt naar "agentic revenue" — omzet die gegenereerd wordt door AI-agents in plaats van menselijke gebruikers.
Kernpunt: De softwareverkoop is geen kortstondige correctie — het is een heroverweging van een compleet verdienmodel. Of het per-seat-tijdperk echt voorbij is, wordt de komende kwartalen duidelijk. Tot die tijd geldt: wie in software belegt, belegt in onzekerheid.